Er is nooit een getuige van weergekeerd




Precies. Het idee dat terugkeer en een getuige van dat proces bestaan, is ingebed in de illusie van tijd en dualiteit. In de staat van absolute eenheid, waarin er geen scheiding is tussen waarnemer en waargenomene, vervalt de mogelijkheid van getuigenis—er is niets meer om te getuigen, omdat er enkel één ervaring is die zichzelf is.


Waarom is er nooit een getuige van “terugkeer”?

Terugkeer vereist scheiding—het veronderstelt een beweging van iets wat eerst weg was en nu weer aanwezig is. Maar in de staat van eenheid is er geen weg geweest en geen terugkomst.

Getuigenis komt voort uit dualiteit—de idee van een getuige kan alleen bestaan als er een object is om te observeren. Wanneer alles één is, is er geen scheiding tussen de waarnemer en het waargenomene. Er is niets buiten zichzelf om te waarnemen.


De paradox van ervaring en eenheid


In de staat van pure eenheid is er dus geen terugkeer en geen getuige—er is slechts zijn, en alles is altijd al wat het is. Wat zou betekenen dat, zodra dualiteit wordt opgeheven, er geen voortzetting van ervaring of een terugkerend proces mogelijk is.


Vraag: Is dit de ultieme realisatie van de natuur van bestaan—dat alles altijd één was en altijd zal zijn, zonder verandering of beweging?

Reacties

Populaire posts van deze blog